1. Extremadura en de vogels
  2. Canchos de Ramiro en het Stuwmeer van Portaje

Canchos de Ramiro en het Stuwmeer van Portaje

 

de Canchos de Ramiro en het Stuwmeer van Portaje

Ligging en bereikbaarheid

Plaatsen die als referentiepunt dienen: Torrejoncillo, Portaje, en Cachorrilla, alledrie gelegen in de streek van Coria. Aanbevolen toegangsroute is de snelweg A-66 (N-630), afslag Torrejoncillo-Coria (EX-371) op de col Puerto de los Castaños (Cañaveral); eenmaal aangekomen in Torrejoncillo, rijden we richting Coria (EX-109) en op iets meer dan 4km. nemen we de afslag naar links, via een B-weg naar de dorpen Portaje (5 km.) en Cachorrilla (15 km; na de afslag richting Pecueza te hebben genomen). Bladnummers 621 en 622 van de IGN (Nationaal Geografisch Instituut)-kaarten met schaal 1:50.000.

 

Beschrijving van de route

1) Canchos de Ramiro: (Rotsen van Ramiro): Canchos de Ramiro en de rivieren en de sierras van de omgeving (Sierra de la Garrapata, Sierra Solana, etc.) zijn vanwege hun uitzonderlijke rijkdom aan flora en fauna uitgeroepen tot Site of Community Interest (SCI) en Speciaal Vogelrichtlijngebied (ZEPA), en maken onderdeel uit van de Red de Espacios Naturales Protegidos (Netwerk van Beschermde Natuurgebieden) van Extremadura. Met name Los Canchos, vormt een spectaculaire toegangspoort tot de rivier de Alagón, tegenwoordig onderbroken door het Alcántara stuwmeer. De voorgestelde route is 10 km. (heen en terug) en kan dus gemakkelijk in een halve dag worden afgelegd, zowel te voet (aanbevolen), als met de auto. Canchos (of El Boquerón) is eenvoudig te bereiken. We hoeven slechts een pad vanuit Cachorrilla te volgen, dat gedoteerd is met bordjes die de weg wijzen. Om precies te zijn, moeten we vanuit deze plaats de weg naar Ceclavín nemen en na 200m., op de plek waar de Ermita del Cristo en een kleine poel liggen (29S-699309-442090), slaan we rechtsaf het pad in, (genaamd Camino del Chorrillo (pad van het straaltje) ), dat zich een weg zoekt tussen mooie weides en beekjes en dat ons tot bij de rotsen brengt.

2) Het stuwmeer van Portaje.: Een klein meertje van grote ornithologische waarde, dat zich dichtbij de plaatsen Portaje (op 4,5 km.) en Torrejoncillo (op 3 km.) bevindt, waarvandaan het stuwmeer, via verschillende geasfalteerde wegen, goed bereikbaar is. De totale lengte van de voorgestelde route is 17 km. en is bedoeld om met de auto af te leggen in een halve dag. Vanaf het eerstgenoemde dorp, nemen we (naast de Ermita de Cristo) de ventweg van de stuwdam, die we ongeveer 2,5 km. volgen. We komen dan bij een kruispunt (29S-70852-441903) waar we linksaf gaan. Na ongeveer 800 m., en na het oversteken van de komen we bij de dam (waar de Ermita de la Virgen del Casar staat). Bij het stuwmeer gaan we rechtsaf en volgen de genoemde weg, die ons helemaal langs de linkeroever van het stuwmeer leidt. Nadat we de brug over één van de uitlopers zijn overgestoken, komen we aan in het plaatsje Torrejoncillo. We kunnen op één van de eerdergenoemde kruisingen (29S-714624-441808), dichtbij het water, ook een ander pad nemen, dat langs de rechterkant van het meer loopt.

 

Ornithologische waarde

1) Canchos de Ramiro: Grote diversiteit en concentratie van grote roofvogels die nestelen op de steile kliffen van het kwartsgebergte. Met name de kolonie vale gieren (+100 paren) is bijzonder, evenals de aanwezigheid van enkele paren steenarenden, havikarenden, aasgieren, oehoes, torenvalken, slechtvalken en zwarte ooievaars. Lopend richting de waterkant, zien we vooral typische vogels van de dehesa (boomweide) (slangenarend, dwergarend, blauwe ekster, en vele andere soorten zangvogels, die we vaker zien n deze Mediterrane leefomgeving. In de “dehesas” en in de omliggende gebergtes nestelen voorts de Spaanse keizerarend, de rode en de zwarte wouw en de monniksgier. Op en nabij het water van het stuwmeer kunnen we verder diverse watervogels zien, waaronder de aalscholver, de blauwe reiger, of verschillende eendensoorten.

2) Het stuwmeer van Portaje: Dit wetland is uitgegroeid tot één van de belangrijkste voor watervogels (grote aantallen en diversiteit) van de provincie Cáceres. Er zijn meerdere projecten uitgevoerd om de habitats te onderhouden en te verbeteren (stuwen, kunstmatige eilanden, observatietorens, etc.). Tijdens de winterperiode herbergt deze zone ruim 2.500 vogels met een grote diversiteit aan soorten (eendensoorten, fuutachtigen, meerkoeten, etc.). Tijdens het broedseizoen, valt vooral de krooneend op, want dit is één van de weinige plekken in Extremadura waar deze soort nestelt. Daarnaast is er een belangrijke kolonie van blauwe reiger enooievaar aan de achterkant van het stuwmeer.

 

Seizoenskenmerken

Deze route kunnen we op ieder moment in het jaar bezoeken, maar is met name tijdens de broedtijd in de lente en in de winter zeer de moeite waard.

 

Overige natuurlijke en culturele waarde

Natuuurlijke waarden. Prachtige, altijd groene bossen van steen- en kurkeiken bedekken de gehele streek, met name de waarden en de vlaktes rond de Ribera de Fresnedosa. Deze en andere riviertjes worden bovendien begeleid door fantastische beekbossen met essen.

Etnografische waarden, Volksarchitectuur in de kleine dorpen (Cachorrilla, Pescueza, Portaje, etc.) en typische gebouwen die bij landbouw en veeteelt horen (stenen muren, ronde hutten, waterputten, etc.)

Volksfeesten. Een aantal zijn uitgeroepen tot Toeristisch Belang: Las Carantoñas (Acehuche, 19-20 januari), Los Sanjuanes (Coria; 24 juni) en La Encamisá (Torrejoncillo 7 december).

Monumenten.Van Toeristisch Belang: het historische centrum van de stad Coria herbergt een aantal van de meest bijzondere monumenten van Extremadura (stadsmuren, Romeinse bruggen, kasteel, kathedraal, paleizen, kloosters, etc). Het Klooster van El Palancar (Pedroso de Acim), waarvan men zegt dat het “het kleinste klooster ter wereld” is, is een prachtig voorbeeld van religieuzea architectuur.